satire

De waan van de dag.

 

Er is een tendens gaande om ons, mensen, mannen en vrouwen, jongens en meisjes, voortaan niet meer als mannelijk en vrouwelijk aan te duiden.

Ik weet niet helemaal precies waarom, maar het schijnt dat het kan leiden tot ‘uitsluiting’ dan wel ‘voorkeur’.

En het is, geloof ik, ook om te voorkomen om dat deel (0.07 %) van de bevolking, dat verdriet heeft van zijn/haar bij geboorte meegekregen geslacht, nog méér gekwetst wordt.

 

Dat zal best heel vervelend zijn, maar ik weet daar te weinig van om er iets zinnigs over te kunnen zeggen.

Laat me dan maar wat onzinnigheden uitkramen.

Want ik ontkom nu – en dat zal wel totaal fout zijn – niet aan  een plotseling opwellende aanval van spotlust die ik hieronder dan ook hartelijk ga uitleven:

 

Ik mag me niet meer als vrouw identificeren.

Was dàt even lastig bij de sollicitatie.

En solliciteren móest.

Geteisterd door die ándere waan van de tijd, namelijk hoge boetes op spaargelden, en zwaargetrimde pensioenen, deden mij uitzien naar uitkomst voor dreigende geldelijke bekommernissen.

 

Lastig dus, want hoe voorkom ik dat ik als vrouw door de mand val. Maar je kent me, aan  vindingrijkrijkheid geen gebrek!!!

Ik schreef mijn voornamen op als Mari-a /us, Johann-a /us, Albertin-a /us, en mijn achternaam als

Rit-man /vrouw, geboren Bak-ker /ster

Toen de geboortedatum.

Dat ik geboren ben, viel niet te ontkennen,  dus daar maakte ik ‘ooit’ van – dat voorkomt meteen leeftijdsdiscriminatie.

Ik schreef al mijn vaardigheden op in de sollicitatiebrief, van koken en ramen lappen tot banden verwisselen en olie verversen[1],

Want dat kan ik allemaal en is bovendien heel gender-divers.

Het was dus geen verrassing: ik werd uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek.

 

Even schoot ik in  paniek.

Ofschoon ik een lichte leeftijd- gebonden kinhaarwoekering tot dusver met wisselend succes kon bestrijden, liet ik het nu gaan.

Maar dat leidde niet tot de beoogde maskering van de rimpelingen in het verouderende maar overigens toch nog o zo vriendelijke gelaat.

Spoorslags naar de feestwinkel, waar ik mij een zogeheten Januskop aanschafte: een masker met zowel vóór als achter een gezicht.

Nadeel was even, dat ik toen van voren niet meer wist dat ik van achteren leefde, maar dat werd al gauw een voordeel:

dat maakte maakte me nóg meer tijds-eigen.

 

En nu: wat trek je aan? Gelukkig was het juist bijna Sinterklaas, dus een jutezak was dra aangeschaft.

Ik knipte gaten, daar waar mijn hoofd en armen doorheen gingen en ik had succes.

Ieder spoor van - ook maar in de verste verte vermoede-  charme gesmoord.

 

Maar foei nu toch, wat zie ik daarrrrr ?

Zelfs door het grove jute heen, waren er nog twee niet mis te verstane tekenen van vrouwelijkheid te bespeuren.

Dus ik vlóóg naar de drogist voor drukverband.

 

In de wachtkamer van het bedrijf waar ik gesolliciteerd had, voelde ik mij meteen thuis en vooral veilig:

iedereen zag er eender uit: oppervlakkig voorkomen, jute zak, januskop  –

 

Ik ben afgewezen.

Raad waarom.

Uit de DNA test bleek dat ik tóch een vrouw ben -

 

…..vergeten mij genetisch te laten manipuleren.

 

Natuurlijk is dit een onzin verhaal.

Maar de teneur van de tijd is, dat het bijna een schande lijkt te worden om een man of een vrouw te zijn. 

Terwijl God ze schiep. Man en vrouw: beide schiep hij ze.

Terwijl kinderen een vader en een moeder mogen hebben.

Geschenken, die gaandeweg steeds meer verkwanseld worden voor de waan van de dag.

 

Ja, eenmaal zullen we voor elkaar geen man of vrouw meer zijn.

Dan  zullen we, zoals Jezus belooft:  zijn zoals engelen in de hemel.

Maar zoals het er  nu uitziet, dreigt er iets heel anders.

Namelijk dat we zullen gelijk gemaakt worden aan demonen in de hel, al hier op de aarde.

 

Ik overweeg stiekem om standaard een rok te gaan dragen…..

 

 

 

volgende in deze serie: leuklijden, deeldwang, attractietrek

 

 



[1] van de friteuse

 

recht aan de vrouw of aanrecht

Wat betekenen woorden werkelijk?

 

In het verlengde van een stukje in de gemeentewijzer over Paulus-de- 'vrouw-onvriendelijke' wil ik nu dieper ingaan op de feitelijke betekenis en inhoud van enkele woorden.

Woorden zoals ‘heersen’ en ‘onderwerpen’, die ons de smerige smaak van ‘onderdrukking’ in de mond geven.

Maar laten we eerst eens  Genesis 1:28 e.v. lezen. Daar staat dat God wil dat de mens de schepping onderhoudt.

Daar vinden we die woorden onverkort terug. En daar wordt beslist niet bedoeld wat wíj gemaakt hebben van ‘heersen en onderwerpen’.

Dit is wat wij, gewapend met die begrippen, met de schepping deden en doen: haar compleet naar de verwoesting helpen.

Natuurlijke bronnen misbruiken, de zwakkere uitbuiten, al naar ons onbeheerst egoïsme en dito begeren.

‘Heersen’betekent dus niet: de schepping misbruiken om er zelf beter van te worden.

‘Heersen’ is: onderhouden, beschermen, cultiveren.

 

Ook van het woord ‘onderwerpen’ krijg ik spontaan klierkramp. Daar proef ik iets ‘slaafs’ in.

Zie ik het hoofddoekje bedeesd achter de lange streepjesjurk aanhobbelen.

Weer verwijs ik naar Genesis 1, waar staat dat aarde en natuur onderworpen moet worden.

Lees: geordend en gereguleerd.

Niet om de mens oneigenlijke en willekeurige macht te geven, maar wederom tot bescherming en groei en bloei van de gehele schepping.

Maar ook hier is, in de los-van-God praktijk, de opdracht totaal verzondigd en verziekt.

Voor ons  houdt ‘onderwerping’ in dat de zwakkere wordt uitgebuit en overweldigd. Ook in seksuele dwang. Ja, ook in het huwelijk. 

Paulus moet daar echt niets van hebben. Hij zegt dan ook niet: ‘mannen, onderwerpt uw vrouwen’, maar: ‘vrouwen, onderwerpt u aan uw mannen.’.

Hij geeft de vrouw het initiatief, om natuurlijke orde en regulering te helpen handhaven.

 

Goed, als je je dus onderworpen hebt, dan ben je ‘onderdanig’. Voor óns netvlies verschijnt dan een kruiperig, angstig-kwispelend hondje.

Maar ook hier ligt de kernbetekenis anders, en moeten we het meer zoeken in de zin van: ‘ter wille zijn’.

En - laten we nou wél wezen, wat is er, in een béétje ‘normaal’ huwelijk, nou mis mee om je eigen man ter wille te zijn?

Daar heb je toch zelf ook plezier van? Dat gaat zowat vanzelf.

Waarom geeft Paulus dan de opdracht: Gij vrouwen, weest uw eigen mannen onderdanig.

 

Laten we  de klemtoon eens leggen op het woordje ‘eigen’ in deze zin, en dat verbinden aan de cultuur van die tijd.

 

In het toenmalige Griekenland was het volkomen normaal dat mannen naast hun huwelijk (1) één of meer homoseksuele relaties hadden.

Zo'n vriendschap (2) werd hoger geacht dan het huwelijk, en de belangen van de vriend hadden vaak voorrang boven die van de vrouw.

Maar er was meer.

Het stond een man ook nog vrij om  zijn vrouw aan zijn vriend in ‘bruikleen’ te geven, mocht zo’n vriend daar aardigheid in hebben.

De vrouw had de plicht om die vriend volledig ter wille (lees: ‘onderdanig’) te zijn, of ze het nu leuk vond of niet.

Een gewoonte, die in de nieuwe Christelijke setting tot de vraag zal hebben geleid, of dit nog wel kon. Dat kon dus niet.

Met de opdracht:  ‘vrouwen, weest uw eigen mannen onderdanig’, heft Paulus de vrouw op uit een vernederende prostitutie-situatie.

Hij vrijwaart haar van verder misbruik.

 

Ook bij ‘gehoorzaam’ kriebelt het verzet. Maar ook hier staat, naast ordening, bescherming voorop.

Net als met kinderen. Die roep je ook toe  dat ze moeten uitkijken bij het oversteken. En als ze niet luisteren, grijp je ze rap bij een lurf. 

Als iemand niet luistert bij gevaar, én bovendien niet in staat is om dat gevaar af te wenden, roept hij onheil over zichzelf en anderen af.

Ook dit kom je in alle maatschappelijke structuren tegen: bedrijfsleven, leger. School. Gezin.

Verzoeken of bevelen  zonder meer afwijzen als ‘onaanvaardbare machtsdwang’ kan schadelijk tot (levens)gevaarlijk zijn.

Let op vogelgeluiden. De haan in het kippenhok die de vos ontdekt. De merel hoog in de boom die de kat ziet loeren.

Ze slaan alarm waar álle aanwezige vogels op reageren, voor hun eigen veiligheid.

Gehoorzaamheid komt ook harmonische samenwerking ten goede.

Is er ooit een orkestlid geweest, die het opeens helemaal anders gaat doen dan de muziek voorschrijft en de dirigent aangeeft?

Ik dacht het niet, maar indien toch, dan heeft ie niet lang als orkestlid bestaan.

Of het hele orkest is weldra te gronde gericht dankzij de jammerlijke wanklanken. 

 

Als we dus  horen lezen over ‘heersen’ ‘onderdanig’ 'onderwerping' en dergelijke woorden  met betrekking tot vrouwen, laten we dan dit bedenken:

Paulus geeft de mannen hiermee geen vrijbrief om de vrouw te misbruiken, maar hij wil, in tegendeel,  de vrouw tegen  wanpraktijken  beschermen.

 

volgende: wat betekent het woord emancipatie feitelijk

vorige: groeie en bloei in de kerk - Walter

 

(1) huwelijkse liefde: pragma

(2) vriendschap, voorkeur: filia


iv> "</div> "

we gaan weer beginnen

We gaan weer beginnen….

 

Na een ruime periode van radiostilte wegens intensieve radiotherapie en het bijbehorend herstel, mocht het tijd worden om weer blogs te gaan maken. Ik heb er een aantal in petto.

Het kan zijn dat mijn bedenksels vragen of aanvullingen bij je oproepen, maar het is niet mogelijk om direct  reageren. Dat is jammer, want ik heb de wijsheid niet in pacht, ik scheid zo maar wat ideetjes af. Hoe mooi zou het zijn, als ik daar betere ideeën voor in de plaats zou zien. Want die zijn er, dat weet ik zeker.

 

En mocht ik mij - in meer satirische stukjes - in het vuur van mijn betoog soms té prikkelend  uitdrukken, en mocht dat ook nog eens onplezierig of pijnlijk bij iemand binnenkomen, dan mag je mij afstraffen.

 

Dus please: ventileer.

Voorlopig dan maar even persoonlijk naar riet.ritman@gmail.com.  Of whapp 0655180402

 

Ik beoog in de loop van de komende tijd vijf of zes series blogs te posten:

A.stilstaan bij beweging

over van alles wat er in de kerk, de gemeenschap en ook in mijn ziel gaande is

  1. Opdat zij allen één zijn
  2. Beleid
  3. Onbeantwoord
  •  

B.sarire

  1. Leuk-lijden / deel-dwang / attractie-trek 
  2. Wel hier-en-gender

 

C.het recht aan de vrouw of het aanrecht 

8 blogs over emancipatie

  1. Was Paulus vrouw onvriendelijk?
  2. Wat betekenen woorden werkelijk?
  3. Wat is emancipatie eigenlijk?
  4. Werden vrouwen in de Bijbel onderdrukt?
  5. Hoe ontstaat machtsmisbruik?
  6. Wat doet emancipatie met vrouwen?
  7. Wat doen vrouwen met de emancipatie?
  8. Tóch gelijke rechten?
  •  

D.groei en bloei in de kerk

vervolg op de eerdere serie Jong Leven in de Kerk (D

Afleveringen: Walter, Simone

 

E.jong leven in de kerk

nieuwe interviews met opkomende jonge mensen

 

F.(ge)zin in de kerk

Staat nog helemaal open, ideeën en medewerking welkom.

Dus blijft de vraag: Wil je meewerken aan de blogs?

Dat kan door ideeën aan te dragen, items, maar ook kun je je aanmelden om mee te praten over één van de bovengenoemde onderwerpen.

Ik nodig je graag uit om je te melden via hierboven genoemde contactgegevens.

 

 

Groei en bloei in de kerk

IWalter van Oostrum

 

ik mocht vorig jaar, onder de noemer jong leven in de kerk  blogs maken met en over jongeren in de kerk. Ook Walter van Oostrum was onder hen, maar het verhaal is door omstandigheden nooit geplaatst. Daarom zijn we nu  ‘op herhaling’. Maar het is veel meer dan herhaling.

Er komen allerlei gezichtspunten en inzichten naar voren, die vorig jaar niet zo ter tafel kwamen, maar nu tot volle bloei komen.

Vandaar het kopje boven deze serie blog.

 

 

 

       

 

Wat is dát genieten, getuige te mogen zijn van geloofsgroei in een jong mens.

We zitten buiten op het terras voor mijn stulpje in de zoele zomeravond, aan de koffie.

Het gesprek kabbelt nog een beetje heen en weer, over gevolgde studies, over werk, over carrière, over de officiersopleiding aan de militaire academie en alles wat dat meebrengt.

Maar ook over ‘roots’ en familie, hoe dankbaar je mag zijn als je in een warme, godvrezende familie mag opgroeien.

Ja ook, hoe dankbaar je mag zijn als je zulke families alleen al mag kennen, en zij ook jou willen kennen.

Over zijn vriendin en de toekomst, zo God het geeft.

Over de jeugd in de kerk, dat die voor het grootste deel helemaal niet zo fanatiek om vernieuwing lijkt te schreeuwen als men wel eens schijnt te denken.

Ik geloof dat dat klopt. Ik heb nog niet één jongere gesproken die zegt zo ontzettend blij te zijn met Weerklank, of die roept, dat dát nu eens een berijming is, die hij helemaal snapt.

Integendeel.

Walter vindt het zelfs bijzonder jammer, als bekende psalmen, die zo ‘eigen’ zijn, ook vervangen worden door Weerklank versies.

Hij vraagt zich af, af of ’weerklank’ niet kan worden beperkt tot onbekende en of heel moeilijke psalmverzen. Ik stem van harte met hem in, en voeg er aan toe: en de slotpsalm al helemaal niet.

Die wil je toch vrij en zonder te hoeven lezen, uít kunnen zingen, zeker als ook de preek je daartoe geïnspireerd heeft, en het orgel die inspiratie volgt.

 

Dan gaat het gesprek de ‘intellectuele’ kant op.

We hebben het er over dat emancipatie echt niet iets is dat alleen vrouwen toekomt. Integendeel, iedereen kan ge-emancipeerd zijn of worden, ieder persoon, iedere groep, iedere maatschappij.

Als je dan ook beseft, dat het woorddeeltje ‘man’ helemaal niets met ‘man’ te maken heeft, alsin: ‘de vrouw is gelijk aan de man’, of: ‘de vrouw moet wat mans’ zijn, dan komt het hele begrip emancipatie[1] zoals veel vrouwen dat voelen, op erg losse schroeven te staan.

Zo zijn er heel veel woorden, die een gevoelslading hebben, die niets meer te maken heeft met de éigenlijke betekenis. Best wel boeiend.

Maar dan gaat de Geest zich er mee bemoeien.

Het lijkt wel, of Hij zijn bestaansrecht opeist, ook in dit gesprek, en we komen tot de erkenning, dat zonder de Heilige Geest, er eigenlijk geen geloven áán is.

Vaak wordt niet beseft, dat de  Geest, Die de Adem van God is, de Oorsprong van het Woord is, uit Wie de Heere Jezus is geboren. De Heilige Geest is Enige is, door Wie wij kunnen geloven.

Er is vaak een soort huiver voor de Heilige Geest.

We hebben beide opgemerkt dat er vaak sprake is van - noem het -  Geest-mijdend gedrag.

Waarschijnlijk vanuit de gedachte dat je je aan iets, dat er niet is, ook niet bezondigen kunt.

Het is de angst voor die zonde, die niet vergeven kan worden, waaruit deze misvattingen ontstaan.

Er kan ook een soort van wantrouwen zijn in allerlei uitingen, zoals we die in Pinkster- en Evangelische gemeenten zien.

We willen daar geen oordeel aan koppelen, maar we beseffen wel, dat de uitingen van de Geest heus niet alleen maar te vinden zijn in de menigten van opwekkings-en praise- bijeenkomsten, in massaal hallelujageroep.

Hij openbaart zich ook in het verstilde binnenkamer-gebed, Hij openbaart zich ook in dit gesprek.

Dat maakt stil én overstromend gelukkig tegelijk.

 

We hebben het over de zin van het lijden, waar Walter een mooie inleiding over heeft gemaakt, die hij voorleest, en die me, eerlijk gezegd, kippenvel bezorgd.

Walter gaat het me gaat toesturen, terwijl ik hem bovendien mag gebruiken als inleiding voor kring of Bijbeluur.

Walter benadrukt: je kunt natuurlijk heel objectief over lijden praten, over de oorzaak ervan (de zondeval) en het nut ervan (het brengt je weer tot God).

Maar hoe breng je dat over bij mensen die heel zwaar getroffen zijn.

Mensen die een kind verloren hebben, of iemand die als kind misbruikt en voor het leven beschadigd is.

Maar ook leed, dat voor een ander niet erg lijkt - voor de persoon die het ondergaat is het één brok ellende. Dat mogen we nooit bagatelliseren.

Hij komt tot de slotsom, dat we ook nooit mogen zeggen: ja maar God wil dat lijden aanwenden om je weer tot Hem te brengen. Of zoiets.

Alsof wíj kunnen weten wat Gods bedoeling met het lijden is, juist van dìt lijden voor déze persoon.

Hij denkt, dat we beter doen om het leed te erkennen, zodat we kunnen mee-leven, mee rouwen en mee bidden.

Eén van de fragmenten, die me aangrepen, was dit: lijden is pijn, ofwel, met een ouderwets woord: ‘wee’.

Dat linkt onmiddellijk ook aan barensweeën. En dat betekent weer, dat lijden ergens toe leidt: namelijk tot geboorte. Tot de openbaring, van de kinderen Gods (zie Romeinen 8)

 

Over bidden. Soms is het moeilijk, om geconcentreerd een standaardgebed te bidden, en daar dan ook steeds weer de inhoud van te ervaren, die door gewoonte lijkt te zijn afgesleten.

Maar het valt ook niet mee, om steeds weer andere woorden te vinden. 

Ik moest erkennen, dat dit bij mij de oorzaak is van een dikwijls buitengewoon armoedig gebedsleven.

 

 

 

 

 

Maar af en toe, aldus Walter, ben je gewoon alleen maar op de fiets door de prachtige natuur aan het rijden, en dan word je daar zó gelukkig van, dat het gewoon uit móet breken in lof en dank.

Of je hebt van die perioden, dat je zo gelukkig bent, dat je denken één en al danken wordt.

Ja, beaam ik, dan stroom je over, dan loopt je mond steeds over tot Gods eer, zoals een bron zich uitstort op de velden.

Walter glimlacht van oor tot oor – wat is dat weer een bewijs van de waarde, psalmen uit je hoofd geleerd te hebben.

 

Wat is dit rijk, die gelijkheid in beleven, de herkenning, het wederkerig elkaar verstaan tussen twee mensen.

Een jongmens van 19, uit  heel zijn wezen sprankelend van leven, groei en bloei, en een oudmens van 73, die zich daaraan mag laven.

En dan te mogen vernemen, dat ook dát wederkerig is.

Dan wil je toch spontaan in dankgebed uitbreken?

Dat hebben we dan ook maar gedaan. Beiden, om de beurt.

 

Door de Geest gedreven.


<hr align="left" size="1" width="33%" />

[1] Zie serie het recht aan de vrouw of het aanrecht – 2 wat is emancipatie eigenlijk

 

Rudie in Kenia

Rudie:

ik heb altijd gedacht ’t Zal wel´, als mensen zeiden dat ze ergens kippenvel van kregen.

Maar nu, tijdens deze reis, heb ik het doorlopend gehad. Kippenvel.

Toen een groep kinderen voor ons stond te zingen.

Toen we een enorme kudde gnoes in beweging zagen komen, om hun jaarlijkse trek van Kenia naar Tanzania te ondernemen.

Dat donderende geraas van hoeven over de kurkdroge grond.

Als je de zon ziet opkomen over het regenwoud.

Als je merkt, hoe God ALTIJD de leiding heeft in al je plannen en voornemens.

Als je Zijn bescherming op mag merken, bijvoorbeeld, toen ons busje behoorlijk vertraging had door pech.

Daardoor waren we niet in aanraking gekomen met een gewapend conflict op de plek, waar we, zonder die pech, op dat moment zouden zijn geweest.

Of dat, net voordat de bouw van de eerste kerk begonnen was, de lang aangehouden regen was gestopt.

Of, in het droge gebied, vlak bij de evenaar, waar de temperatuur wel tot ver over de 40okan oplopen, het al die tijd bewolkt was, en de temperatuur niet boven de 35okwam, warm hoor, zeker. Maar te doen. Met temperaturen van 40oen hoger, wordt het écht niet meer werkbaar.

Als je weer gespaard bent op wegen, met vele, vele ‘blackspot’ bordjes, die doodsgevaar aanduiden: afbrokkelende ravijnranden, neerstortend berggesteente.

En dan die keer, dat we op motoren op weg gingen, 1 centimeter langs zo’n afgrond, of op een halve centimeter een busje passerend.

Er konden twee passagiers op zo’n motor, maar omdat we met zijn vijven waren, mocht ik in m´n eentje achterop. Dacht: fijn, lekker de ruimte.

Maar die vreugde werd al gauw de bodem ingeboord toen ik hoorde, dat die man pas drie dagen motor mocht rijden.

Dit klinkt misschien alsof we dag in dag uit aan levensgevaar bloot stonden, maar in werkelijkheid was dat niet meer dan thuis in het verkeer of waar ook.  Het was allemaal ánders, maar ook dankzij de leiding van de zonen van Anton en Els voelden wij ons veilig, beschermd, ja, thuis waar wij waren.

 

kakkerlakken en spinnewebben

Wat wél kon tegenstaan, waren de af en toe erbarmelijke hygiënische omstandigheden.

Soms was er een soort WC, maar om die te bereiken, moest je je eerst door een woud van spinnewebben heen worstelen, intussend e ene na de andere kakkerlak doodtrappend, gewoon omdat ze niet te ontwijken waren.

Ook is het me overkomen, dat, toen ik aan het touwtje trok om door te spoelen, dat touwtje brak, maar nét te laat, zodat toch nog de hele stortbak naar beneden kwam compleet met vuil, drabbig, stinkend water.

Het enige wat je dan wil, is een hete douche. Maar ja, die ís er niet.

Vaak was er zelfs niet eens een WC, en moest je het zien te stellen met een gat in de grond.

 

cultuurverschil

Vrouwen krijgen een soort onderscheiding in de vorm van een halsketting voor elke bereikte fase in een meisjes- of vrouwenleven. Sommige vrouwen hebben een lang-uitgerekte nek van de kettingen.

Er zijn hutten voor mannen en vrouwen. Meerdere vrouwen samen in één hut. Mannen in een eigen hut.

Maar, zei een man,  wijzend naar een hut met een groep vrouwen er voor, ik slaap meestal in de vrouwenhut.  

Ik vroeg ik mijn onschuld: wie is uw vrouw? Allemaal, antwoordde de man trots en gelukkig.

Dan sta je, als westerse jongen, toch wel heel even met een mond vol tanden.

 

opmerkelijke rechtssystemen

Ik had, vertelt Rudie verder, toestemming om in de vrouwengevangenis op bezoek te gaan. Dat was een aangrijpende ervaring.

Voor heel érge misdrijven, kan, behalve levenslange gevangenisstraf, ook de doodstraf opgelegd worden.

Alleen wordt die nooit voltrokken.

Maar - voor doodstraf kun je gratie krijgen. En dat wordt dan niet omgezet in levenslang, nee, je komt meteen op vrije voeten.  

 

geloofsbeleving

Je staat ook wel even vreemd te kijken als je een eerste kerkdienst meemaakt, zoals toen onze eerste kerk af was.

Alle omringende gemeenten kwamen de dienst bijwonen, compleet met hun voorgangers, die allemaal een woordje te zeggen hadden.

En dan het zingen. Ik stond in het begin nogal onwennig mee te handenklappen, maar er werd al snel op gewezen dat dat zó niet gaat.

Je moet wiegend meebewegen. Okee, doen dus.

Wonderlijk hoe ook dat went, zelfs zo, dat als je weer in je thuiskerk bent, éven denkt - heel even maar, hoor - béétje saaie boel hier!

Maar je moet je ook niet voorstellen dat onze brave, degelijke gemeente, ineens uit zou breken in zang en dans en handgeklap – dan kun je met de beste wil een schaterlach niet onderdrukken.

Hoewel je als westerling zou kunnen denken dat de geloofsbeleving dáár oppervlakkig is, dan durf ík toch te beweren, dat dat niet zo is.

Anders, en heel intens.

Ik moet toegeven dat de verkondiging niet al te diepgaand was, maar dat kan natuurlijk incidenteel zijn geweest.

Daarnaast ben ik veel oprecht persoonlijk geloof tegengekomen.

Men vraagt ook heel onbevangen naar jouw persoonlijke relatie met God.

Als mensen aan je vragen hoe het gaat, en je dan aangeeft dat je het warm hebt of best wel moe bent, dan slaan ze een arm om je heen, en beginnen spontaan te bidden om kracht voor jou en dat je de hitte kunt verdragen.

 

‘komt wel goed’

Als bij ons iets niet loopt volgens schema en plan dan roept dat vaak irritatie of stress op.

Of zelfs boosheid. Afspraak is afspraak, roepen we dan. En natuurlijk is daar iets voor te zeggen.

Maar de afgesproken tenten, waar we zouden slapen, waren er níet.

Geen mens, die zich vervolgens druk maakt, die gaat lopen vingerwijzen met: maar jij zou

Men komt wél met een oplossing. We konden in een kerk slapen. Een kerk, die er trouwens al langer stond, en dus muren had en deuren en ramen.

Wél zo veilig, eigenlijk.

 

Rudie vertelt desgevraagd, dat, als hij hier nog eens zou kunnen terugkeren, hij dat zeker zou doen. Maar hij wil ook graag kennismaken met andere culturen en omstandigheden.

Dan moeten er keuzes gemaakt worden. Zoveel is duidelijk: hij heeft de smaak te pakken.

We wensen Rudiie een mooie levensreis toe, die, onder Gods bescherming,  hopelijk over vele plaatsen gaat, waar hij anderen tot hulp en zegen kan zijn.